Sessie: Intelligent Counseling System: A 24 x 7 Academic Advisor
Spreker:Chun Ming Leung Vice President, Technology & Development Open University of Hong Kong
Onderwerp: i-coaching / distance learning
Aantekeningen:
Net als vorig jaar weer een sessie gevolgd, gepresenteerd door een non-native speaker. Toch lastig te verstaan.
De presentatie die over distance learning en i-coaching zou moeten gaan, is een presentatie van een leerling volg systeem.
Wat de een dus een Intelligent Counseling System: A 24 x 7 Academic Advisor noemt is in Hong Kong een op zich mooi stukje online functionaliteit leerling volg met een FAQ die in chengels (chinees/engels) maar ook in vloeiend kantonees je kan uitleggen waar je moet zijn als bedrijfskunde wil leren.
Vergelijking met de Nederlandse situatie: vergelijkbaar
Hot or not: voor sommigen wel...
Sessie: 'How to use identity management and campus portal to communicate with students'
Spreker: Loyola Marymont University
Onderwerp:
Aantekeningen: student portal
De Loyola Marymont University heeft vanaf nul een nieuwe portal gebouwd, waarbij studenten in hun persoonlijke omgeving informatie op maat zien: hun email-inbox, mededelingen over hun cursussen, chats, enquetes, een kalender. Een uitgebreid identity management systeem dient als sleutel om dit mogelijk te maken. In de toekomst beogen zij doorontwikkeling naar portfolio.
Vergelijking met de Nederlandse situatie: Het project komt mij niet heel erg innovatief voor; ben benieuwd naar reacties of dit niet al heel gangbaar is?
Hot or not: Nou, nee.. [Janina]
Sessie: ‘Top 10 Questions when implementing Social Media’.
Spreker: Panel discussie met ICT&O-ers van drie Amerikaanse instellingen.
Onderwerp: Social Media
Aantekeningen:
- Wat kost de inzet van social media? Duur is vooral de tijd die het kost om te leren hoe je social media handig kunt inzetten. De presentator was ca. 1 jaar actief op Twitter en Facebook voordat zij zich voldoende in staat achtte de mogelijkheden die het voor onderwijs biedt juist in te schatten en ook collega’s daarover te adviseren.
- Spring er niet zomaar op in, maar bedenk eerst welke reden je hebt om social media in je onderwijs te willen inzetten. Evalueer daar dan ook op.
- Redeneer altijd vanuit het onderwijs en niet vanuit de technologie.
- Denk eraan dat alles wat je op internet zet, daar voor altijd blijft. Als de inhoud van je communicatie daarvoor niet geschikt is, gebruik dan een ELO en niet social media. Social media zijn geen alternatief voor ELO’s.
Vergelijking met de Nederlandse situatie: relevant; vragen die iedereen zich moet stellen als je social media in een lessituatie wilt inzetten
Hot or not: ja [Janina]
Sessie: Lecture Capture Technology
Spreker: Larry Loeher, UCLA
Onderwerp: weblectures
Aantekeningen:
Waarom zou je weblectures online zetten?
- Studenten zijn beter voorbereid in de les
- Stellen betere vragen
- Makkelijker om met lesuitval om te gaan
- Je kunt (delen van) eerder opgenomen materiaal hergebruiken in nieuwe lessen
Gaan studenten door weblectures minder naar de colleges? 22% zegt van wel, 10% zegt dat ze daardoor juist méér gemotiveerd zijn om naar college te komen. Door inzet van rich media kan de weblecture zelfs interessanter worden dan een live college. 95% van de studenten geeft aan de weblecture ‘helpful’ gevonden te hebben. Op de vrijdag wordt het minste materiaal bekeken, op zondag het meeste (nu is de verdeling ongeveer gelijk over de hele week, bekijken binnen minder dan 48 uur na college). Je kunt ook een college in de studio opnemen en studenten als huiswerk opgeven dit te bekijken. De lestijd is dan helemaal beschikbaar voor vragen.
Een collega van Avans (@jeroenalessi) geeft aan dat Avans in bepaalde opleidingen gekozen heeft om de F2F lectures te vervangen door weblectures (opname in studio), waarmeer er meer tijd over blijft voor interactieve sessies. Zolang we de manier waarop we lectures geven niet veranderen, zal deze aanpassing geen gevolgen hebben voor de resultaten.
De site met weblectures van UCLA vind je hier:http://bit.ly/aZy8jH
UCLA heeft twee kleine experimenten gedaan om er achter te komen of webcasts bijdragen aan leren. Bij het experiment 'introductory psychology', daalde de aanwezigheid met 15% en waren de resultaten een klein beetje beter.
Studenten bekijken weblectures gedurende de hele dag (24 uur). Ze zijn selectiever in het begin van de avond.
90% van de studenten vond weblectures 'helpful' voor leren, waarbij ze leren definieren als dat ze beter scoren op hun test.
Faculty had problemen om studenten die geen toegang hebben tot een site, toch toegang te geven tot webcasts. tude
Webcasts staan nu een kwartaal online. Er zijn geen redenen om dit korter te maken.
UCLA hanteert een webcast format: live camera and integrated materials, high quality video, quick posting materials, indexed archive materials http://twitter.com/#search/%23E10_SESS038
Pas op dat je met het vervolg op pilots geen verkeerde verwachtingen schept (capaciteit om lectures op te nemen is vaak beperkt)
Waarom weblectures?
- omdat we het kunnen (nieuwigheid)
- sluit aan op verwachtingen studenten
- nemen aan dat studenten meer kunnen leren en eenvoudiger
Statement Larry: lecture capture technology is disrupting possitively what is going on in the classroom
Vergelijking met de Nederlandse situatie: biedt nader onderzoek, maar verder niet veel schokkend nieuws; zie bijdrage Avans
Hot or not: tja [Janina]; not hot, maar wel waardevol
Sessie:Point/ Counterpoint
Mobile Computing: Safe or Sorry
Spreker: Mark S. Bruhn en John J. Suess
Onderwerp: Social Media
Aantekeningen: Rollenspel tussen Mark en John
Sessie 1: Het aanbrengen van een schakelaar om alle mobiele apparatuur uit te schakelen.
Teneur: niet realistisch. Je moet dan bijna in een bunker zitten.
Oplossing: afspraken maken over sociaal gedrag.
Sessie 2: Voorzitter College van Bestuur is nieuw benoemd en moet zijn vertrouwde Iphone inwisselen voor een BlackBerry als gevolg van standaardisatie.
Teneur: standaardisatie kan belangrijk zijn i.v.m. kosten en beveiliging.
Je moet maar onderscheid maken tussen werk en privé
Vergelijking met de Nederlandse situatie: vergelijkbaar
Hot or not: niets nieuws gehoord
Sessie: Classroom Engagement in the Age of Cell Phones and Social Media
Spreker:Hans P Aagard en Kyle D. Bowen
Onderwerp: Social Media
Aantekeningen: Het eerste deel van de sessie ging over het inzetten van de juiste middelen. Is Twitter of Facebook wel overal voor geschikt. Er werd ook gesproken over anonimiteit. Bij sommige onderwerpen willen studenten anoniem reageren. Als voorbeeld werd een les over sexualiteit genoemd. De les had aantoonbaar meer diepgang als gevolg van de inzet van social media
Tweede deel van de sessie ging over Hotseat. Dit is een open source programma waarbij b.v. de Twitter- en Facebook berichten gekanaliseerd werden. Tevens lieten ze een bijbehorend “voting systeem” zien. De software is te koop voor ongeveer 2000 dollar. Meer info op http://purdue.edu/studio
Vergelijking met de Nederlandse situatie: nog niets over gehoord of gezien
Hot or not: ja
Sessie: Cloud Computing - Gartner
Spreker: David Cearley
Onderwerp:
Aantekeningen: zie mijn blog - http://www.moqub.com/2010/10/14/educause-2010-david-cearley-over-cloud-computing/
Vergelijking met de Nederlandse situatie: ja
Hot or not: zeer hot, maar binnenkort niet meer volgens spreker
Sessie: K-12 student vision for learning in the 21st century 
Spreker: Julie Evans
Onderwerp: ontwikkeling visie op leren in de 21ste eeuw
Aantekeningen:
In Project Tomorrow doet Speak Up (www.tomorrow.org) onderzoek naar leren in de 21ste eeuw. Ze vertrekken bij de verwachtingen van studenten en kijken naar de realiteit bij de docent.
Link naar 1 van de onderzoeken waar naar verwezen wordt: http://www.tomorrow.org/speakup/pdfs/SU09UnleashingTheFuture.pdf
Vraag aan studenten: if you were in charge, and U could design the ultimate learning environment, what would it be?
In het onderzoek nemen bijna 300.000 students deel.
De spreker beweert dat kinderen na 3rd grade hun interesse in science verliezen.
Als we het hebben over het leren in de 21ste eeuw en de inzet van ICT, dan gaat het niet meer over adoptie maar over adaptation. Hoe integreer ik de technologie in mijn onderwijs?
Belangrijk onderwerp in 21ste century is unthetered learning. Als illustratie worden cijfers van het gebruik smartphones getoond: (K-2 and gr 3-5): 14-17% use smartphones (deze kinderen zijn 5-7
jaar oud
Studenten ervaren obstakels bij het gebruik van technologie in school (zoals een mobiele telefoon); dit wordt als nummer 1 obstakel genoemd, want ze willen hem wel graag gebruiken
Studenten gebruiken mobiele telefoons in school vooral voor communications, research and receive reminders and alerts (top3). De spreker noemt dit personal productivity
Aan de andere kant noemt 76% van de docenten als biggest concern with mobiles: students will be distracted doing other things
De ouders realiseren zich inmiddels dat een mobiel apparaat een essentieel element is voor het leren van K12 students
Welke types van online leren zien we binnen K-12 scholen? online class led by teacher, self study online class, blended online classStudenten vinden met name productiviteit belangrijk in relatie tot online leren, dit geldt ook voor jongere studenten Studenten vragen om een rijke digitale omgeving, die bestaat uit online textbooks met interactiviteit. Ze willen interactivity,relevancy,collaboration. Ook willen ze co-creatie om hun peers te 'onderwijzen'.
Als kinderen jong zijn spelen ze games vooral voor de competitie met anders. Als ze ouder worden leggen ze pas de link met leren. De spreker geeft aan dat aankomend docenten vooraan lopen als het gaat om social based learning. (volgens mij is dit in NL niet het geval).
1 van de key trends: what are we going to do with the multiple computers in the backpacks of students?
Most fascinating trend: the free agent learner (self directed learning, un-thetered to traditional learning, etc.). In de ogen van de spreker is de middle school student the free agent learner (15 yr)
In this report, we identify the three essential elements of this new emerging student vision for American education. At the heart of each element is the innovative use of a wide range of emerging technologies including online learning, mobile devices, Web 2.0 tools and digital content. While these three essential elements represent some dramatically new approaches to teaching and learning in a classroom setting, for the students, the incorporation of the tools and applications is merely a natural extension of the way they are currently living and learning outside of that classroom. Thus, there exists a very special opportunity today to both increase the relevancy of a student’s education experience and to start to close the persistent digital disconnect between students and educators on learning with technology. The key to unlock this opportunity is a long overdue realization that the students’ ideas on how to effectively leverage technology within learning can provide meaningful insights and even present a clear pathway for implementation. The essential elements are the first step in visioning that new pathway:
- Social-based learning – students want to leverage emerging communications and collaboration tools to create and personalize networks of experts to inform their education process.
- Un-tethered learning – students envision technology-enabled learning experiences that transcend the classroom walls and are not limited by resource constraints, traditional funding streams, geography, community assets or even teacher knowledge or skills.
- Digitally-rich learning – students see the use of relevancy-based digital tools, content and resources as a key to driving learning productivity, not just about engaging students in learning. [Eja]
Vergelijking met de Nederlandse situatie: Verhaal is wat mij betreft zeer reeel en interessant. Zou best een idee zijn om een vergelijkbaar onderzoek in NL uit te voeren. Geen idee of dit al gebeurt. Het geeft ook aan dat we onze ogen niet moeten sluiten voor wat de jongeren aan technologie mee de school in brengen.
Hot or not: niet revolutionair, maar wel actueel en relevant. Bovendien is het natuurlijk mooi als je bijna 300.000 studenten hebt bevraagd en dat jaarlijks doet [Eja]. Dat is niet niks.
Sessie: Opencast Matterhorn Project: An Open-Source Option for Lecture Capture and Academic Video http://www.educause.edu/E2010/Program/SESS015
Spreker: Christopher Brooks
Researcher
University of Saskatchewan Mara Hancock
Director, Educational Technologies
University of California, Berkeley Bruce C. Sandhorst
Academic Technology Liaison
University of Nebraska - Lincoln
Onderwerp: OpenCast Matterhorn (open source software voor weblectures)
Aantekeningen:
- why webcasts? for learners: audit professor, repeat viewing, learning from other profs (e.g. MIT)
- develop to lecture 2.0 more interactive, socially networked etc. ; bring media that makes learning richer
- challenges webcasts: rapidly changing techno, inflexible and costly, limited enterprise integration
- some of the participating institutes in #matterhorn had their own homegrown system on weblectures
- project matterhorn: principles: 1: lower costs; 2: ability to scale up; 3: increase educational impact (learner as co-creator)
- integrating with LMS, organizing rich interaction around the weblectures
- now architecture of matterhorn: user-generated content and automated capture and scheduling = lecture capture
- tool had to be able to ingest and process (media analysis, workflow, encoding and branding and captioning)
- next: distribution management: local distribuiton servers, public channels, rss integration to local LMS
- finally: engage tools (embeddable player, accessible interface etc.)
- uni nebraska-lincoln presents why participate in matterhorn; why open source? greater integration potential and scalable solution
- partipating in matterhorn was also an awesome collaboration experience
- Uitleg van opencast op Wikipedia is minstens even duidelijk. http://en.wikipedia.org/wiki/Opencast
- link to opencast project/tool : http://www.opencastproject.org/
Vergelijking met de Nederlandse situatie: ja. SURF gaat mogelijkheden verkennen - Hot or not: hot
----Sessie: Second Life and Its Real-Life Double: How to Get Started in a Virtual World, and Why
Spreker: Johanna Brams
Onderwerp: Virtuele Werelden
Aantekeningen:
Het valt wel op: op Educause 2010 moet je de presentaties over virtuele werelden zoeken met een vergrootglas. Tijdens mijn vorige bezoek in 2008 was Second Life een hit en kwam ik als geïnteresseerde in 3D modelling, roleplays en immersive learning ruimschoots aan mijn trekken. Dit jaar kon ik met moeite één featured speaker sessie en een discussieronde ontdekken aan de rafelranden van het uitgebreide Educause-programma. Open Content, eTextbook readers en Mobile Learning zijn duidelijk ‘The Next Big Thing’!
Vanuit het SURFnet Kennisnet Innovatieprogramma ben ik sinds 2009 met 10 Nederlandse onderwijsinstellingen aan het experimenteren met Open Simulator, de open source variant van Second Life. Deze community heet EDUsim-NL. Na de eerste positieve ervaringen met Second Life kozen de deelnemende instellingen in 2009 voor Open Simulator, met als belangrijkste reden het feit dat de instelling dan zelf over de content beschikt. Ik ben daarom altijd op zoek naar de meest actuele informatie over Virtuele Werelden.
Op woensdagochtend schoof ik aan bij Johanna Brams, een gezellige theaterdocente en Instructional Technologist van Lehigh University. Ik werd gelijk gerustgesteld: de virtuele wereld heeft onderwijskundige meerwaarde en de ervaringen zijn positief.
Op Leigh University zijn studenten verantwoordelijk voor het inrichten van het eiland in Second Life. Studenten van grafisch design opleidingen ontwerpen de 3D modellen en leren zo ontwerp-, maar ook projectmanagementvaardigheden.
De wereld wordt gebruikt voor afstandsleren, storytelling, het visualiseren van abstracte concepten en het nabootsen van authentieke omgevingen voor taal- en cultuurstudies. Als nadelen van Second Life wordt de hoge leercurve van het medium en de hoge ontwikkelingskosten genoemd. Maar als het medium ingezet wordt in de juiste leercontext, dan is het de investering zeker waard.
Maar het toekomstig gebruik van Second Life is onzeker bij Lehigh University. Linden Labs, het bedrijf achter Second Life, heeft namelijk aangekondigd de prijzen met ingang van september 2010 drastisch te verhogen. De kosten voor gebruik van een eiland zijn zo bijna niet meer op te brengen voor een onderwijsinstelling. Maar wat is het alternatief?
Dit onderwerp wordt besproken tijdens de discussieronde aan het einde van de dag. De discussie wordt geleid door AJ Kelton, Director Emerging Technologies bij Montclair University. Ook Montclair heeft geïnvesteerd in een eiland en onderwijstoepassingen in Second Life. Maar AJ Kelton voelt zich teleurgesteld en misleid door Linden Lab en zoekt naar een uitweg.
Deze uitweg wordt geboden door Scott Diener van de University of Auckland. Scott Diener is, in samenwerking met University of Otago, Wellington Institute of Technology sinds 2007 in het project New Zealand Virtual World Grid aan het experimenteren met Open Simulator. Zij maken succesvol gebruik van deze open source virtuele wereld en hebben al heel ingewikkelde 3D modellen en simulaties geprogrammeerd.
Het grote voordeel van Open Simulator is, naast de beheersbaarheid en eigenaarschap over de 3D leerobjecten, dat je gemakkelijk virtuele werelden (op verschillende servers) als ‘3D-websites’ aan elkaar kan linken en zo een grote peer-to-peer virtueel universum kan vormen.
En dat is precies het doel van het Nederlandse Open Simulator project van SURFnet Kennisnet Innovatieprogramma. Na afloop van de sessie heb ik contact gezocht met Scott Diener en we zijn allebei enthousiast over de mogelijkheid om krachten te bundelen. Zo kunnen we het Nederlandse en Nieuw Zeelandse grid koppelen en een groot educatief virtueel universum creëren. En dat is de nabije toekomst van virtuele werelden in het onderwijs.
Vergelijking met de Nederlandse situatie:
Hot or not: Hot
----Sessie: Researching Mobile Learning. Lessons Learned from ACU’s Second Year
Spreker: Brad Crisp, Scott Perkins, Cynthia Powell, George Saltsman
Onderwerp: Mobile Learning
Aantekeningen:
ACU is een universiteit met 5000 studenten.
Elke onderwijsinstelling die aan de slag wil met mobile learning, staat voor een dilemma: ontwikkelen van webbased services die op elk device beschikbaar zijn, of aanbieden van devices op de campus, en daar ook native applicaties voor aanbieden. Abilene Christian University (ACU) koos voor dat laatste en stelt eerstejaars studenten voor de keus: een Ipod of een Iphone.
Als de studenten voor de Iphone kiezen, dan krijgen ze daar een tweejarig telefoon- en data abonnement bij.
Onderzoek – Mobile Learning Initiative
Doel van het onderzoek is langdurige evaluatie van mobiel leren op de universiteit. De onderzoeksvraag is: welk effect heeft het centraal aanbieden van mobiele devices op het leerproces?
1. Evaluatie van het project (aantal elementen: gebruik, impact, )
2. Motivatie voor keuze van device en de impact van deze keuze.
Gebruik van device en apps
Positieve effecten van mobiele applicaties op leren:
* Impact
Vergroot onafhankelijkheid.
Werken in teams
- Internet doorzoeken tijdens college kon nog niet eerder zo makkelijk.
- Vergroten interactiviteit door middel van classroom response systems: Clicker wordt veel genoemd op Educause.
Manieren van assessment is niet veranderd.
* Keuze van device
Studenten kiezen vaker de Iphone dan Ipod, omdat studenten niet graag met meerdere devices rondlopen. De studenten met een Ipod hadden deze ook vaker niet bij zich.
ACU is momenteel ook aan het experimenteren met Ipads en digitale boeken. Ipads zijn in de toekomst interessant voor het onderwijs, maar ze zijn nog niet zo ver. Voor het E-textbook is het een vereiste dat de tekst gecombineerd wordt met multimedia, anders is er geen onderwijskundige meerwaarde voor het E-textbook. Als het digitale boek precies hetzelfde is als het papieren boek, dan mis je de mogelijkheden om aantekeningen te maken. Anders mis je de mogelijkheid om aantekeningen te maken.
Studenten zeggen wel, dat als ze 50% van de boeken digitaal kunnen gebruiken op de Ipad, de dan zelf een Ipad zullen aanschaffen.
* Conclusie
Sociale en entertainment applicaties worden meer gebruikt dan de academische en algemene applicaties.
Administratieve taken is het beginpunt van mobile learning. Daarna gaan de faculteiten pas onderzoeken hoe ze samenwerking en betrokkenheid kunnen vergroten en mobiele devices kunnen gebruiken in het klaslokaal.
Ze weten nog niet goed wat de meerwaarde is van de toegankelijkheid die mobiele technologie mogelijk maken, maar het project heeft de cultuur op de campus wel veranderd. Met name docenten zijn veel aan het experimenteren hoe ze de mobiele technologie kunnen gebruiken in hun onderwijs.
Ook merkt een van de docenten dat hij zelf toegankelijker en opener is ten opzichte van studenten. Studenten verwachten dat hij altijd en overal bereikbaar is. Hij ziet dat niet als negatief, omdat hij de Iphone uit kan zetten als hij dat nodig vindt.
* Ervaringen van twee docenten
1. Scheikunde docent Cynthia Powell
In de scheikundeles neemt de student het mobiele device het laboratorium in. Het is een belangrijk doel om studenten zelfstandig in het laboratorium te laten werken. De docente heeft dan ook onderzocht op welke manier mobiele applicaties studenten kan helpen om zelfstandiger te werken.
Er waren twee groepen studenten, die anders onderwijs genoten. De ene groep had beschikking over mobiele applicaties en het device, een andere groep kreeg traditioneel onderwijs, zonder hulp van de mobiele devices.
Er is gekeken naar hoe vaak de mobiele middelen zijn gebruikt, welke interacties er ontstonden tijdens labsessies, en of er een verschil in prestatie is tussen de twee groepen.
De ‘mobiele groep’ had beschikking over digitale documenten, slides en podcasts. De podcasts van 2 a 3 minuten werden ter voorbereiding van de labsessie aangeboden.
De belangrijkste conclusies zijn, dat studenten met beschikking over een mobiel device niet individueler en zelfstandiger werken, maar juist graag samenwerkt in groepen van twee a drie studenten.
Ook gebruiken studenten niet alleen de speciale applicaties, maar ook basisfunctionaliteiten, zoals de camera voor verslaglegging en de rekenmachine.
Al dachten de studenten met mobiel device zelf dat ze beter gepresteerd hebben, in de praktijk was er geen prestatieverschil tussen de beide groepen studenten.
2. Psychologie docent George Saltsman
Belangrijkste conclusie is dat mobiel leren de interactiviteit en betrokkenheid van studenten in het klaslokaal kan vergroten, door het gebruik van classroom response systems.
Meer informatie: http://www.acu.edu/technology/mobilelearning/
Hot or not: Hot
Er is in dit onderzoek vooral gekeken naar het gebruik van mobile devices in het klaslokaal, terwijl mobiele technologie zich ook goed leent voor (locatiegebaseerde services) leren buiten de collegezalen.
----Sessie: Dealing with the Changing World of E-Textbooks
Spreker: Jon T. Rickman, Roger Von Holzen, Northwest Missouri State University.
Onderwerp: E-Textbooks
Aantekeningen:
Deze sessie bespreekt de implementatie van E-Textbooks en print-on-demand.
Northwest Missouri State University biedt het textbook-rental programma aan, dat gehaat wordt door uitgeverijen. Het aanbieden van laptops en E-textbooks wordt gezien als de vervolmaking van Digitale Leer- en Werkomgeving.
Fase 1 van het project was de pilot Northwest e-Textbookproject, waarbij studenten een Sony Kindle gebruikten met E – Textbooks als PDF. Dit was geen succes, met als belangrijkste reden: de studenten missen de annotatiefunctie en zoekfunctionaliteit (trefwoorden). Conclusie: de Ereader en Ipad zijn ontworpen voor het consumeren van content en niet het creëren van content
Fase 2 is een pilotproject met notebooks en E-Textbooks in PDF formaat. Dit project was simpel en efficiënt, dus goed uitvoerbaar. Toch gebruiken studenten liever geprint papier in plaats van PDF. Conclusie: alleen als het een verrijkte publicatie betreft, een zogenaamde geïntegreerde E-Textbook, dan is het een stap vooruit. Een geïntegreerd E-textbook is een Ebook, met geïntegreerde multimediabestanden (video, animatie). De verschillende bronnen kunnen bekeken worden zonder nieuwe vensters te hoeven openen.
Er wordt gezocht naar een nieuw platform: de Entourage Edge is interessant. De Ipad heeft ook potentie, maar is nog niet ver genoeg doorontwikkeld.
Het is een probleem dat nog niet veel mensen weten hoe ze geïntegreerde tekstboeken moeten maken en ontwerpen.
Apple is een programma aan het maken om modules aan het maken, dan kan een docent of onderwijskundige dit verkopen via app store.
---
Gezocht: ‘nieuw ras’ contentmakers voor eTextbooks
Leuk en aardig hoor, die bewegingen richting voordelige, interactieve --ja zelfs multimediale- elektronische leerboeken. De zoektocht naar het ideale medium is in volle gang. Maar wat als dat ideale platform is gevonden? Volgens mij begint het dan pas! Hoe vult men dit nieuwe medium met lesmateriaal, of specifieker, zijn die huidige schrijvers van educatieve content wel geschikt om voor dit pluriforme medium?
Tijdens de presentatie “Dealing with the Changing World of E-Textbooks” van afgevaardigden van Northwest Missouri State University, en later op de dag, tijdens onderdelen van de bijeenkomst “ The Horizon Report in Action: Deploying Innovation Locally, werd uitvoerig gesproken over de potentie van eTextbooks voor studenten. Uit de eerstgenoemde presentatie bleek dat studenten aan het eind van een pilot met eReaders en notebooks toch liever teruggrepen op het welvertrouwde analoge boek. Te beperkt vonden ze het. Absoluut geen tool voor interactie en creatie. Wel geschikt voor recreatief lezen hoor. De potentie voor interactiviteit en de multimediale mogelijkheden sprak de studenten wel aan, maar de hardware en software waarmee gewerkt werd bood hen dit niet. Dat geluid hoorde ik vaker op deze eerste dag van Educause; de potentie is er, het wordt groot --let maar op, over vijf jaar vragen we ons af hoe het zo snel heeft kunnen gaan. En toen kwam er ineens die vraag uit het publiek, de vraag die ook in mij begon op te doemen: waar zijn de makers van de content voor dit nieuwe educatieve medium? Zo’n soort vraag is niet nieuw, we hebben het de afgelopen jaren al ondervonden bij de opkomst van mobiele websites. Sites die daadwerkelijk geschikt zijn voor consumptie op je mobiele telefoon, je weet wel. Die waren er in het begin niet. Het is een vak apart en vereist nieuwe vaardigheiden. Zo niet anders voor de ideale eTextbook waarover gesproken wordt.
Het is noodzakelijk dat er makers ten tonele verschijnen die de kunst beheersen om audio, video, interactieve grafieken, simulaties, educatieve games en tekst weten te combineren tot een logisch geheel. Een geheel die mij nu doet mijmeren over state-of-the-art computer games, en dan specifiek die tutorials die de speler dient in het begin van een game. Wellicht is het daar te vinden, de inspiratie voor de toekomstige elektronische lesboeken. De huidige educatieve contentmakers kunnen de verwachtingen (lees: eis) van de studenten niet inwilligen. Er is expertise nodig uit andere segmenten. Vandaar mijn volgende stelling:
Het wordt naar alle waarschijnlijkheid een team-effort, een multidisciplinaire inspanning die moet leiden tot het ideale format voor het lesboek van de toekomst.
Hoe denk jij daarover?