SURF - Wiki

Special issue van ScienceGuide over kwaliteit van Hoger Onderwijs

Special issue van ScienceGuide over kwaliteit van Hoger Onderwijs

In november 2009 heeft ScienceGuide meerdere artiikelen gewijd aan de kwaliteit van het hoger onderwijs met inspecteur-generaal Annette Roeters van de Onderwijsinspectie als gasthoofdredacteur. In die nieuwsbrief zijn verschillende aspecten van de kwaliteit van het onderwijs besproken. Die van het onderzoek in het hbo is er een van.

Op 3 december 2009 verschijnt van de hand van Henk Pijlman, voorzitter van de Hanzehogeschool en als bestuurslid van de HBO-raad verantwoordelijk voor de lectoraten een artikel in dit kader waarin hij bepleit dat succesvol hbo-onderzoek vraagt om stevige keuzes (http://www.scienceguide.nl/200912/hbo-onderzoek-vraagt-om-keuzes.aspx).

Hij definieert praktijkgericht onderzoek als volgt: [het] ‘sluit aan op behoeften vanuit de beroepspraktijk, en genereert kennis, inzichten en producten die bijdragen aan de verbetering van beroepspraktijk en maatschappij.’ Praktijkgericht onderzoek moet nauw verweven zijn met het onderwijs, zodat studenten zich ontwikkelen tot kritisch-reflectieve en onderzoekende professionals. ‘Maar het overkoepelend kerndoel van praktijkgericht onderzoek is in onze visie wetenschappelijke en systematische kennisontwikkeling. Alleen wetenschappelijk deugdelijk onderzoek draagt bij aan echt duurzame verbeteringen in beroepspraktijk en maatschappij.’ Onderzoek is voor Hanzehogeschool echter geen doel op zich; onderzoek moet dankzij de wetenschappelijke kwaliteit fundamenteel bijdragen aan beroepspraktijk en maatschappij en aan het onderwijs. Het onderzoek moet dus zowel een rol spelen in het wetenschappelijk debat als een bijdrage leveren aan het maatschappelijke debat.

Deze visie is door Hanzehogeschool ontwikkeld via discussie met bijvoorbeeld deans, teamleiders opleidingen en lectoren. Per kenniscentrum is vervolgens gediscussieerd over strategische doelen, en eventuele verbeteringen in de organisatorische inrichting en sturing op resultaat.  Deze positionering van onderzoek vraagt ook een andere vorm van ondersteuning, zo bepleit Pijlman. Zijn conclusie luidt: ‘uitbouw (kwaliteit en kwantitatief) van het onderzoek is een transitie die de hele organisatie aangaat.’ Koppelend met de elders op deze wiki besproken notitie Naar een duurzaam onderzoekklimaat van de HBO ziet hij dit niet alleen als een opdracht voor de individuele hogescholen maar ook voor het collectief van hogescholen en hun stakeholders. Daarbij moet worden nagedacht over zaken als: waaraan moet ons onderzoek een bijdrage leveren, wat betekent dit voor structuur, cultuur, personeel, financiën en externe relaties, hoe optimaliseren we de wisselwerking tussen onderwijs en onderzoek? En de hogescholen gezamenlijk moeten bepalen wat kenmerkend en onderscheidend is aan praktijkgericht onderzoek.

Tot slot bepleit hij om de kwaliteit van onderzoek verder uit te bouwen en zichtbaar te maken. De inmiddels door de HBO-raad vastgestelde Gedragscode vor praktijgericht onderzoek, het ontwikkelen van indicatoren voor praktijkgericht onderzoek en het delen van good practices benoemd Pijlman hij als belangrijke vervolgstappen.

Gastredacteur Anneke Roeters reageert instemmend (http://www.scienceguide.nl/200912/tijd-is-niet-schaars,-aandacht-wel.aspx). ‘De invoering van lectoraten is een heel gedurfde stap geweest. Dat kost tijd en moeite. Het invoeren van de lectoraten is een heel proces, daar mag je gerust 10 jaar voor uittrekken’, zo betoogt ze. Het clusteren van lectoren , het beter oppelen van lectoren aan het onderwijs en de verbinding met het bedrijfsleven ziet ze als belangrijke ontwikkelingen.

Enter labels to add to this page:
Please wait 
Looking for a label? Just start typing.